Leeswijzer

Programma-indeling en taakvelden
In juli 2016 heeft de gemeenteraad ingestemd met het indelen van onze Planning & Controlproducten (P&C) in 9 programma's. De begroting bestaat uit een beleidsmatig en uit een financieel gedeelte. Het beleidsmatige gedeelte volgt de programma-indeling, waarbij de financiële informatie binnen die programma's op het niveau van taakvelden is opgenomen. Deze taakvelden zijn voorgeschreven vanuit het BBV. Naast de 9 beleidsprogramma's is er een 'programma' algemene dekkingsmiddelen en is er een overzicht van overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien. Vanaf het begrotingsjaar 2017 is het verplicht een overzicht van overhead op te nemen in zowel de begroting als de jaarverantwoording. Het overzicht geeft inzicht in de activiteiten en de kosten van alle overhead die niet rechtstreeks aan de uitvoeringsprogramma's toe te rekenen is. Overhead zijn kosten voor directie, algemeen management, financiën, Human Resource Management (HRM), facilitaire zaken, informatievoorziening en communicatie.

De begroting 2018 volgt in grote lijnen de opzet van de begroting 2017. Op enkele onderdelen is gekozen voor een andere weergave om de informatiewaarde te vergroten. Nieuw in de opzet van de begroting 2018 is dat er per programma een overzicht is opgenomen van de investeringen voor de komende jaren. Ook is de weergave van de subsidies per programma aangepast ten opzichte van vorig jaar.

Indicatoren en streefwaarden

Verplichte indicatoren
Gekoppeld aan de eerder genoemde uniforme taakvelden is vanaf de Begroting 2017 vanuit het BBV een basisset van 39 beleids- of prestatie-indicatoren voorgeschreven die gemeenten in de begroting en jaarrekening ten minste moeten gebruiken. De indicatoren geven inzicht in (de vergelijkbaarheid van) de beleidsprestaties en zijn objectief meetbaar. De gegevens zijn via landelijke bronnen voor alle gemeenten beschikbaar en vragen dus niet om een eigen/nieuw registratiesysteem. Al deze gegevens zijn voortaan te raadplegen via www.waarstaatjegemeente.nl, waardoor een schat aan informatie voor gemeenten beschikbaar is. Zo kan binnen deze landelijke database met slechts enkele drukken op de knop informatie worden vergeleken met andere gemeenten, en andere jaren. Desgewenst kan er worden doorgeklikt naar de onderliggende detailinformatie. De indicatoren bevatten hierdoor belangrijke informatie om te kunnen sturen. Alle gemeenten zijn verplicht om de basisset van beleidsindicatoren onder te brengen binnen de programma’s van de begroting. Per programma worden de verplichte indicatoren in een tabel weergegeven, aangeduid met 'B'.

Facultatieve indicatoren
Naast de basisset is een facultatieve lijst met indicatoren beschikbaar, waarvoor landelijke data (nog) ontbreken. Gemeenten moeten hiervoor zelf de registratie organiseren. In tegenstelling tot de verplichte indicatoren, zijn de facultatieve indicatoren wat minder feitelijk te meten. Ze hebben een bepaalde subjectiviteit in zich zoals een gevoel of waardering. Voorbeelden zijn de mate waarin de gemeentelijke dienstverlening wordt gewaardeerd door ondernemers en inwoners en het veiligheidsgevoel van onze inwoners. Per programma worden de facultatieve indicatoren in een tabel weergegeven, aangeduid met 'F'. Voor een aantal indicatoren is gekozen om de resultaten uit te drukken in een getal en niet visueel, omdat er nog geen vergelijking mogelijk is met andere gemeenten of voorgaande jaren. In samenspraak met de Klankbordgroep Financiën van de gemeenteraad is besloten om in onze begroting voor de jaren 2017 en 2018 slechts zeer beperkt facultatieve indicatoren aan de programma’s toe te voegen. In deze begroting zijn dezelfde negen facultatieve indicatoren opgenomen als in de begroting 2017. Het betreffen uitsluitend indicatoren die het doel van het programma meten en/of indicatoren die betrekking hebben op de door de gemeenteraad aangewezen beleidsvelden Duurzaamheid, Leisure en Volksgezondheid.

Streefwaarden
De indicatoren geven nu een neutrale weergave van metingen. Hieraan is nog geen ambitie gekoppeld. Ten aanzien van het opnemen van ‘streefwaarden’ ‘normen’ of ‘ambities’ van de (prestatie)indicatoren is het aan te bevelen om deze, zo mogelijk, te betrekken bij de evaluatie over de opzet van de begroting. Vanuit het BBV is het opnemen van een streefwaarde bij de indicatoren overigens niet verplicht gesteld. Per programma worden de streefwaarden weergegeven in een tabel, aangeduid met de afkorting 'PI' of 'ME', respectievelijk Prestatie Indicator en Maatschappelijk Effect.

Beleidsbegroting
De beleidsbegroting bestaat per programma uit de zogenaamde ‘3 W-vragen’. De gebruikelijke 3 W-vragen zijn gehandhaafd omdat dit een goede verdiepingsslag aanbrengt van abstract naar concreet niveau.

  1. Wat willen we bereiken?
  2. Wat gaan we daarvoor doen?
  3. Wat mag het kosten?

Per programma is steeds een overkoepelend doel geformuleerd onder de kop "Wat willen we bereiken". Hierbij is aangegeven welke beleidskaders een rol spelen bij het realiseren van dat doel. Wat we in 2018 gaan doen om het programmadoel te bereiken is verder uitgewerkt in de overzichten met concrete acties en reguliere taken. Onder het kopje "Wat mag het kosten" worden de baten en lasten per programma gepresenteerd. De specifiek aan het programma gerelateerde investeringen en subsidies worden hier gepresenteerd. In elk programma zijn de verbonden partijen opgenomen die bijdragen aan de realisatie van de doelstellingen van dat programma. Partijen die niet als formele verbonden partij zijn aangemerkt zijn niet opgenomen.

Paragrafen
Na het programmaplan volgen de paragrafen. Deze geven een dwarsdoorsnede van de begroting, bezien vanuit een bepaald beleidsterrein. Het gaat met name om beheersmatige aspecten die grote (beleidsmatige en/of financiële) gevolgen kunnen hebben en/of van belang zijn voor het realiseren van de programma's.

Financiële begroting
De financiële begroting gaat in op de grondslagen voor de begroting, zoals die bij de perspectiefnota 2018 zijn bekrachtigd. Daarnaast biedt dit hoofdstuk diverse overzichten op, zoals het totaaloverzicht van lasten en baten, het structurele begrotingsevenwicht.

Bijlagen
Tot slot zijn in de bijlagen de meerjarige overzichten van reserves en voorzieningen opgenomen. Een lijst met gehanteerde afkortingen maakt deze begroting compleet.

Gorinchem, 10 oktober 2017.